Clubkampioenschap 2020 ronde 3

De derde ronde in het clubkampioenschap van 2020 speelde ik met de witte stukken. De 11e zet realiseerde ik mij dat ik ooit nog eens een schaakpositie zo goed als identiek als diegene die op het bord stond geanalyseerd had.
Toen was ik blij geweest dat ik er goed mee weggekomen was doordat mijn tegenstander de combinatie niet had gezien. Na 11. g4 zag ik ineens de prachtige zettenreeks die mijn tegenstander had, eigenlijk kon dit zelfs al na de 10e zet. Ook nu kwam ik goed weg.

Terwijl mijn opponent rustig de stelling aan het bekijken was kon ik enkel maar denken aan die ‘ezel en de steen’, dat spreekwoord natuurlijk. Maar ook nu ontsnapte ik aan erger.

sft1
De partij is nog in de openingsfase en ik heb zopas 11. g4 gespeeld. Zwart kan nu slaan op g4 met een paard en wit kan niet terugslaan.

1. e4 e5 2. Nf3 Nc6 3. d4 exd4 4. Nxd4 d6 5. Nc3 Be7 6.
Be3 Nf6 7. Qd2 O-O 8. f3 Ne5 9. O-O-O a6 10. Qf2 Bd7 11. g4 h6 12. Nf5 Nh7 13.
Nxe7+ Qxe7 14. h4 f6 15. Nd5 Qd8 16. Kb1 Be6 17. Nf4 Bf7 18. Be2 Qe8 19. Nd5
Bxd5 20. Rxd5 Qd7 21. Rhd1 b5 22. Qg3 Qe6 23. b3 Nf7 24. c4 c6 25. Rxd6 Nxd6
26. Rxd6 Qe5 27. Qxe5 fxe5 28. Rxc6 Rfc8 29. cxb5 axb5 30. Bxb5 Rxc6 31. Bxc6
Rc8 32. Bd5+ Kf8 33. Kb2 Nf6 34. Bc4 Ne8 35. Bd2 Ke7 36. f4 exf4 37. Bxf4 Nd6
38. Bd5 Rf8 39. Be3 Rf3 40. Bc5 Rd3 41. a4 Kd7 42. a5 Rd2+ 43. Kc3 Re2 44. Kd3
Rh2 45. a6 Rh3+ 46. Be3 Nb5 47. Bc4 Nc7 48. Kd4 Rh1 49. Ke5 Ra1 50. a7 Ra5+ 51.
Kf4 g5+ 52. hxg5 hxg5+ 53. Kf3 Kc6 54. Ke2 Kb7 55. Kd3 Rxa7 56. Bxa7 Kxa7 57.
e5 Kb6 58. Ke4 Kc5 59. Kf5 Kd4 60. e6 1-0

Schaaknieuws

Het was even geleden maar er is toch nog schaaknieuws. Natuurlijk is er nog altijd mijn persoonlijke schaakblog maar daar kan ik alleen de schaak techneut mee boeien. Zoals te verwachten heb ik daar nog geen enkele reactie mogen verwelkomen. Volkomen begrijpelijk, ik ben dan ook geen meester schaker ook al heb ik wel de passie.

Wat voor mezelf wel een verrassing is gebleken dat is het feit dat ik in de schaakclub voor het derde jaar op rij mag aanvangen in de hoogste afdeling. Ondanks dat mijn persoonlijke schaakrating nogmaals is gestegen is ook het niveau van de eerste reeks gestegen door de sterke gepromoveerden van de tweede reeks

Nieuwe sterke leden werken zich een weg naar boven. Dat is zeker een normale gang van zaken. Vorig seizoen was het kantje boord. Zoals de eerste twee jaren zal het nu weer vechten worden tegen de degradatie. De strategie was vooral niet verliezen en dat loonde. Drie winst partijen, zes gelijke spellen en vijf nederlagen waren genoeg voor het behoud.

3 keer winnen, 11 keer niet. In twee jaar tijd is het niet veel meer geweest wat de winst partijen betreft.

Natuurlijk wil ik het over een andere boeg gooien maar dat het allemaal niet zo eenvoudig is blijkt uit het feit dat er dit jaar een hele sterke speler op de laatste plaats is geëindigd. Laten we het houden op ‘het ene jaar is het andere niet’. Dit jaar eens kampioen?

Wit aan zet, hint: deflection.

Nationale Interclub

Het was alweer de 9e ronde van de nationale interclub. We spelen in de 4e klasse en we staan bijna helemaal onderaan. Daar heb ik waarschijnlijk ook wel een groot aandeel in omdat ik nog niet bijster veel punten gescoord heb in de jaargang 2018-19.

Zondag speelden we op verplaatsing in Turnhout en zij staan op de 2e plaats. Maar zoals het cliché zegt: De bal is rond en de match moet altijd gespeeld worden, zo was het ook in Turnhout. Zij hadden waarschijnlijk een mindere dag en wij een goeie. Het werd een uitoverwinning met 0.5 – 3.5 winst.

Ik speelde op bord 4 met de witte stukken. We hadden beiden tegenovergesteld gerokeerd en mijn tegenstander begon een aanval op mijn koning maar kon die niet aanhouden. Ik vond toen dat ik meer ruimte had en een actievere stelling. Vooral de twee verbonden vrijpionnen waren te sterk.

schaaknotatie is verplicht in officiële partijen
https://lichess.org/embed/S1hF9NR9#51?theme=auto&bg=auto

Keep it simple

Mijn nieuwe aanwinst is het boek van Christof Sielecki. Hoewel ik het boek nog niet ben begonnen ken ik toch al bijna vier hoofdstukken van het boek.

Dit komt omdat ik het boek ook al had op zijn ‘zetten trainer ‘. Daar worden zijn suggesties voortdurend herhaald zodat je ze niet snel vergeet.

Dat is bij een boek wel anders omdat eens je een boek uit leest, je het dan maar sporadisch nog eens raadpleegt.

Het boek zelf is toch een aanwinst voor mijn schaakboeken verzameling.

Nieuwe start

Het nieuwe schaak seizoen is begonnen in onze club. Voorafgaand werd de club kampioen van vorig jaar gehuldigd. Er werden ook enkele nieuwe regels ingevoerd. De belangrijkste was het nieuwe speel tempo. Dat is nu voor elke partij en voor iedere speler 90 minuten voor 40 zetten en als die doelstelling gehaald wordt komt er nog eens 30 minuten bij en daarbij ook nog eens 30 seconden per zet vanaf zet 1.

Mijn eerste partij van het nieuwe seizoen werd een nederlaag met de witte stukken. Nadat ik op zet 33 een ondoordachte zet deed werd die onmiddellijk afgestraft.

Zo gaat dat nu eenmaal in onze hoogste afdeling. Het wordt heel zwaar dit seizoen maar ik ga er toch van genieten want uiteindelijk is de hoogste afdeling te hoog gegrepen met de huidige elo punten. Vorig jaar kon ik nog standhouden en wie weet wat het dit seizoen wordt.

Eindejaar

De laatste partij van het jaar kwam vroeger dan gepland. Dit komt omdat de werkelijke laatste niet meer gespeeld werd omdat mijn tegenstander een forfait liet noteren. De wedstrijd was ook niet echt meer van belang.

Uitkijken is het nu naar het nieuwe jaar met voor iedereen nieuwe kansen.

Voor iedereen nog fijne eindejaar dagen toegewenst.


Het competitie einde

De voorlaatste speeldag in de competitie. Nadat ik vorig jaar na een onwaarschijnlijk parcours was gepromoveerd mocht ik even proeven van een verblijf in de hoogste klasse van de interne competitie. Dacht ik althans maar onverhoopt haalde ik score van 50 procent met nog 1 partij te spelen.

In de eerste helft speelde ik met een instelling van alles of niets. Ik bedoel hiermee dat ik dubieuze gambieten en openingen speelde waar ik pionnen te grabbel gooide voor open lijnen of voorsprong in ontwikkeling. Voor de kenners, het evans gambiet, stellingen met een geïsoleerde damepion in ruil voor actief stukkenspel of de franse variant met Paard op c6.

Het resultaat was niet optimaal. Met deze gewaagde openingen begon ik met een 0 op 2 maar met een 3 op 7 in de eerste ronde was de schade beperkt.

De tweede ronde besloot ik het op een voorzichtiger manier aan te pakken. De reden was dat ik in de externe competitie de ene na andere nul scoorde. Was de externe competitie dan sterker dan de interne vroeg ik me af? Helemaal niet want de elo verhoudingen lagen in de interne competitie veel hoger en ik kan me niet indenken dat deze spelers die zomaar te grabbel zouden gooien tegen een minder geklasseerde zoals ik nu nog ben. Het is ook niet dat ik tegen deze ‘interne’ spelers gewoon ben om te spelen omdat ik nog maar het eerste jaar tegen ze speel. Misschien is het dan toch gewoon toeval.

Het competitie einde, altijd spannend want met maar 8 spelers in een reeks ligt de plaats tussen degradatie en een verlengd verblijf in de reeks dicht bij elkaar. De beslissing valt ook meestal op het einde en ook al ben je twee speeldagen voor het afsluiten van de competitie al zeker van behoud dan begin je een maand later alweer met nul punten. Je zou toch kunnen stellen dat er minder druk is om resultaat te halen maar niets is minder waar.

Zo stelde mijn tegenstander in de voorlaatste competitie partij al na de 17e zet remise voor. Als ik dit aannam dan was is nog voor 22.00 uur thuis en mij maakte het toch niet echt uit maar twee tafels verder zagen andere spelers toe of ik dit zou doen. Bijna alle stukken nog op het bord en als ik toestemde veroordeelde ik in feite andere bijna of zo goed als degradatie. Nee, dat kon niet. Sportiviteit is niet alleen een woord. Ik zei hem dat hij eigenlijk moest winnen en dat bracht hem tot twijfel want hij had het toch goed uitgerekend dacht hij. Toen deed ik gewoon een zet en we speelden verder.

  1. e4 e5 2. Nf3 d6 3. d4 exd4 4. Nxd4 Bd7 5. Nc3 Nc6 6.
    Bb5 Nxd4 7. Bxd7+ Qxd7 8. Qxd4 Nf6 9. f3 Be7 10. Be3 c5 11. Qc4 b5 12. Nxb5 Rb8 a4 O-O 14. b3 Rfe8 15. O-O Rbc8 16. Rad1 a6 17. Nc3 Qc6 18. g4 Nd7 19. Nd5 Ne5 20. Qe2 c4 21. Nb6 Rc7 22. f4 cxb3 23. cxb3 Qxe4 24. fxe5 dxe5 25. Nc4 Bc5 26. Qf3 Bxe3+ 27. Nxe3 Qg6 28.
    Nf5 Qb6+ 29. Kh1 e4 30. Qxe4 Qb8 31. Qd4 f6 32. Qd5+ Kf8 33. Nd6 Rd8 34. g5 Rdd7 35. gxf6 g6 36. Rfe1 Rd8 37. f7 Rc2 38. Re8+ Rxe8 39. fxe8=Q+ 1-0

300 schaakpartijen

Er zijn schaakboeken die je maar deels kunnen bekoren. Mijn oudste boek van de collectie is daarentegen zeer interessant. De partijen beginnen vanaf het jaar 1862 tot en met 1893. Het boek is zeer fragiel en is daarom niet meer hanteerbaar.

Repertoire

Iedere schaker heeft zijn eigen openings repertoire. Het mijne is beperkt. Dat heeft zowel voor als nadelen. Soms kan je op een antwoord van de opponent, dat een waaier van vertakkingen kan hebben het spel in een zekere richting uit sturen. Dat bespaart veel openings studietijd.